indeklinch - Part 8

klinch @ Melkweg blog

De eerste Amerikaan op het gerenommeerde Hamburgse label Dial. Vorig jaar gepresenteerd als opkomend talent door toonaangevend e-zine ResidentAdvisor. Een regelmatig terugkerende gast in ‘s werelds meest roemruchte club, de Panoramabar. En binnenkort een wervelende debuutalbum onder de naam Glass Eights. Met zijn 26 jaren heeft Amerikaanse Berlijner John Roberts het goed voor elkaar. Hij heeft dan ook een doordachte kijk op elektronische muziek.

Waar kom je vandaan en hoe ben je met dansmuziek in aanraking gekomen?
“Ik groeide op in Cleveland, Ohio, waar ik tot mijn zeventiende heb gewoond. Op mijn veertiende luisterde ik voor het eerst naar house en techno mix cd’s en op mijn zestiende bezocht ik mijn eerste raves in Pittsburgh en Ohio. Daar hoorde ik veel house afkomstig uit Chicago – één van de redenen dat ik in die stad grafisch design ben gaan studeren. Later ben ik ook nog naar New York verhuisd en nu woon ik al weer twee en een half jaar in Berlijn.”

Je hoort zo vaak over dj’s die eerst grafisch designer zijn geweest – Marc Houle, Melon, Nuno dos Santos, Patrice Bäumel. Is er een verband tussen electronische muziek en ontwerpen?
“Ja ik ben er honderd procent van overtuigd dat die link bestaat. Vooral tussen elektronische muziek en grafisch design, omdat de dingen hetzelfde in hun werk gaan: je brengt steeds weer nieuwe lagen aan in het geheel en het scannen van beelden, wat natuurlijk veel ontwerpers doen, het lijkt ontzettend veel op het samplen van muziek. Ik denk alleen niet dat het in mijn geval veel effect heeft gehad op mijn producties. Behalve dat ik uit frustratie over het ontwerpersbestaan een uitlaatklep nodig had in de muziek.” Lees verder


De eerste Foxes & Wolves van het nieuwe seizoen, op zaterdag (!) 18 september, dubbelt tevens als release-party voor het titelloze nieuwe album van Seymour Bits – beter bekend als Bas Bron, producer achter Bastian, De Jeugd Van Tegenwoordig en Comtron. Er zit disco, house, funk, boogie en electro in Seymour Bits, de ene stijl wat beter verstopt dan de andere.

‘Als ik iets maak in de studio denk ik soms halverwege: dat zou best iets voor Comtron kunnen zijn, en dan stuur ik het naar (muzikale partner) Rimer. Soms heb ik een opzetje dat iets voor Bastian zou kunnen zijn, en dan neem ik het mee naar een repetitie en speel ik het een keer voor. Als ik dat níet heb, dan is het dus van mij, en is het Seymour Bits.’
Aan het woord is Bas Bron, muzikale duizendpoot met een herkenbare sound voor elk van zijn projecten. Seymour Bits doet hij, als enige, helemaal in zijn eentje (met hier en daar een gastvocalist). Aan de ene kant is de naam een maf pseudoniem, afgeleid van de Amerikaanse pornoproducent Seymour Butts, en is de Amsterdammer in deze hoedanigheid altijd goed voor een portie niet al te diepzinnige feestmuziek. Anderzijds is hij ook een begenadigd zanger met een melancholische inslag, en zitten zijn producties heel slim in elkaar.
‘Ik neem alle nummers even serieus,’ zegt hij. ‘Het is niet zo dat die melancholische dingen echter zijn, totaal niet. Er zit altijd een soort humor in mijn muziek. Die naam klopt ook wel: het is een soort elektronica-porno, maar dan grappig. Net als p-funk, of het leven: het is serieus, maar het is ook best geestig.’ Lees verder

Sonic Warfare resident DJ+ predikt dubstep in de breedste zin van het woord. Vanuit zijn IDM achtergrond laat hij het liefst de meest experimentele kant van het genre horen. Speciaal voor klinch en de aankomende editie van Sonic Warfare, aanstaande vrijdag, maakte hij een mix met zijn huidige favorieten.

Paulus van der Heijden is in het dagelijks leven produktontwerper Geboren in Veghel, een maand geleden van Utrecht verhuist naar Amsterdam. In de Domstad richtte hij samen met vrienden in 2008 de DUBieus dubstep crew op. “In Utrecht is vooral de experimentele kant van electronische muziek nog een stuk moeilijker. Ik vind sfeer wel het belangrijkste, maar de opkomst is vaak laag. In Amsterdam heb je toch makkelijker een zaal vol, er zijn gewoon meer liefhebbers.” De connectie met Amsterdam is snel tot stand gekomen. “Twee jaar geleden heb ik op Sonic Warfare gedraaid. De jongens van Lockdown hadden ook een mixje van me gehoord en die boekten me ook een keer.” Nu is hij één van de vaste krachten van Sonic Warfare.

Hij ontwikkelde zich in Brabant tot een lopende encyclopedie van electronische muziek. “In Veghel was niets te doen. Ik begon de verschillende labels bij te houden, van ambient tot breakcore. Rephlex en Planet Mu waren er al vrij vroeg er bij met dubstep, zo ben ik er denk ik mee in aanraking gekomen. Toen noemde ik het geloof ik nog brokendubhouse, omdat Mala dat ergens in een interview had gezegd. Lees verder


Greg Wilson heeft Fatboy Slim (indertijd nog een piepjonge DJ Quentin) nog leren scratchen op de Britse televisie. Het is één van de vele hoogtepunten in een rijke, maar nogal aparte carrière. Tussen 1975 en 1980 draaide Wilson funk, soul en disco in het noorden van Engeland. Na een residency op de legendarische Wigan Pier startte hij in 1983 als één van de eerste dj’s in de Haçienda in Manchester. Kort daarna stopte Wilson als dj, om twintig jaar later, op zijn vijfenveertigste, terug te keren als de koning van de disco-edit. Vrijdag is hij te gast bij klinch in de Melkweg tijdens Eastpak Happy New Year.

‘Ik had mazzel dat net het hele edit-ding weer populair begon te worden toen ik weer wilde beginnen,’ vertelt Greg Wilson laat op de avond aan de telefoon vanuit Engeland. ‘Ik wilde één ding duidelijk hebben voor mezelf: het moest geen nostalgische trip worden. Ik wilde dingen uit het verleden gebruiken, maar ze duidelijk linken aan het heden. Op het podium gebruik ik een oude bandrecorder, maar ook een laptop. Het gaat om de balans.’

Die bandrecorder is Wilsons herkenbaarste stukje apparatuur, maar hij gebruikt hem tegenwoordig op een hele andere manier dan in het begin. ‘Ik maakte eind jaren zeventig mixjes voor de radio en begon eens te spelen met de tapes in de studio. Kleine stukjes knippen, stukken verlengen. Zo ontstonden mijn eerste edits. Snel daarna heb ik een thuisstudio ingericht en mij helemaal gestort op het maken van edits. Later ben ik televisiefragmenten en samples van platen op banden gaan zetten en die speel ik dan af tijdens mijn dj-sets, als een soort extra laag. Dat werkt intuitief, het is niet dat bij een bepaalde plaat een bepaalde sample hoort. Iedere set hoor je wel eens dezelfde geluiden maar steeds op andere plekken.’ Lees verder

Zelfs het vuurwerk dat Steve Lawler gewoonlijk meeneemt in z’n dj-koffers viel in het niets bij de IJslandse vulkaanuitbarsting dit jaar. Zoals zoveel artiesten moest de Britse dj noodgedwongen verstek laten gaan. “Drie optredens moest ik uiteindelijk cancellen”, herinnert de Britse dj zich. “Vervelend, maar als Moeder Natuur haar tanden laat zien dan heb je te luisteren.”

Lawler zit op Ibiza als we hem bellen. Geen toeval trouwens. Zomers vind je hem vaker op het Spaanse feesteiland dan in z’n huidige woonplaats Barcelona. Het leverde Lawler de bijnaam King of Space op, naar de beroemde club waar hij zo vaak te gast is.
Lawler begon klein. Als puber (te jong om in clubs toegelaten te worden) organiseerde hij begin jaren negentig een aantal raves in een tunnel onder de snelweg M42. Dankzij het succes van die feesten kwam hij op de radar van clubs, die hem begonnen te boeken voor dj-gigs. Toen ging het snel. In ’95 werd hij resident van de chill-club Café Mambo en niet veel later stond hij vast in Cream. De liefde tussen Lawler en Ibiza ging nooit meer over. Lees verder