
Kryptic Minds switchte een paar jaar geleden van drum ‘n bass naar dubstep, met dank aan Youngsta en Loefah. Samen met die twee staan ze op 18 juni op Sonic Warfare.
Check de discogs pagina van Simon Shreeve & Brett Bigden (a.k.a. Leon Switch) en je ziet dat Kryptic Minds al lange tijd mee loopt. Shreeve en Bigden zijn actief in de drum ‘n bass scene sinds 2000, met releases op Metalheadz, Tech Itch en voornamelijk op hun eigen Defcom Records. Drie jaar geleden brachten ze hun eerste album Lost All Faith uit, een heel emotioneel en persoonlijke plaat over het verlies van Simon’s broer Mark. Daarna waren ze wel een beetje klaar met drum ‘n bass. “Het voelde ook wel een beetje alsof we in een loop terecht kwamen, qua produceren”, vertelt Shreeve (32) aan de telefoon vanuit Colchester. “Het gaat erom jezelf fris te houden als artiest. Niet om het geld, of om de dj boekingen. Daar gaan veel mensen de mist in.”
Ze trokken de stekkers uit de Virus synths, de harde schijven gingen het raam. “Ik zei tegen Leon: laten we iets compleet anders maken. Vergeet die tempo’s en vaste stramienen.” Shreeve stopte ook met het aannemen van drum ‘n bass boekingen. Ze luisteren veel naar Trentemøller en begonnen dingen te maken die duidelijk door de Deen beïnvloed waren. “Dat werk is nooit uitgebracht, maar het was wel een belangrijke periode. Alles lag weer open en dat voelde heel goed. Voor hetzelfde geld waren we happy hardcore gaan maken.”
Een vriend tipte hem dat hij Mala’s MySpace pagina eens moest checken. Het bleek het begin van een tweede jeugd voor Kryptic Minds. “De eerste track die ik hoorde was Bury Da Bwoy, wat een killer!” Daarna hoorde hij Loefah’s remix van The Bug’s Jah War en Cyclops van Distance en was verkocht. “Ik heb Leon opgebeld en gezegd dat we nog die dag zouden beginnen met het maken van dit soort muziek.” Lees verder

Foto by Michael Danker
De ene artiest komt uit de grote stad, de ander uit een dorp. Een derde identificeert zichzelf misschien meer met enige scene, ongeacht locatie. DJ/producer Rubix, komende vrijdag op Rauw in de Melkweg, ziet het zo: ‘Ik kom uit het Laidback Luke-forum.’
‘Hij is heel goed met zijn forum,’ zegt Rubix over zijn jeugdheld. ‘Hij gaf altijd feedback op tracks en mixes en hij was heel actief met zijn leden. Daar heb ik heel veel aan gehad. Het topic over productietips en –tricks heb ik helemaal doorgelezen. Daar werd ik een stuk wijzer van, zo kreeg ik een beginnetje. Luke werkte met FruityLoops, dus werk ik ook met FruityLoops.’ Wat de inmiddels 23-jarige producer zo aantrok in Laidback Luke’s muziek? ‘Het was heel origineel. Ik vond zijn draaistijl echt geweldig. Dat mixen en scratchen, met cd’s… ontzettend interessant. Er zat een onwijze dynamiek in zijn sets: altijd drie tracks tegelijk en weet ik veel wat hij allemaal deed.’
Een jaar of zes na zijn entree op het webforum, maakte Rubix eind vorig jaar plotseling naam met een track die hij nota bene anderhalf jaar eerder al eens had uitgebracht, Baiser sur le Disco. Voorzien van een nieuw clipje kon het nummer ineens aanhaken bij het succes van Anyway, de discohousehit van Duck Sauce, alias A-Trak en Armand van Helden. Rubix’ meest recente succesnummer is een remix van Bart B More’s Romane.
Laidback Luke is de afgelopen jaren een muzikale richting in geslagen die Rubix niet is gevolgd. ‘Toch blijft hij een voorbeeld voor mij. Zeker weten. Hoe dan ook. Hij maakt nu trance en dat staat heel ver van mij af, maar ik heb zo veel aan die gast te danken dat hij een heel grote inspiratie blijft. Wat hij ook doet. Justice was ook een groot voorbeeld, maar wat zij doen is bijna onmenselijk. Meestal denk je: ik hoor dit en dit, en dat zou zo en zo gedaan kunnen zijn. Maar als ik naar Justice luister, heb ik vaak moeite om dat te achterhalen. Het is af en toe echt een raadsel hoe ze die sounds gemaakt hebben. Alleen: die hele Justice- en Ed Banger-sound is over! Er is nu iets anders aan de hand.’ Lees verder

Door: Job de Wit
De Parijse producer en dj Joakim Bouaziz is een rusteloze eigenheimer binnen de Franse dancewereld. Hij combineert de gedegen muzikale onderlegging van Laurent Garnier, het popinstinct van Daft Punk en de experimenteerdrift van Air maar gaat altijd net even een stapje verder, of liever gezegd: een stapje opzij, zijn eigen neus achterna. Er is bijna geen peil te trekken op zijn discografie, en die van zijn platenlabel Tigersushi, behalve dat het altijd de moeite waard is om Joakims bewegingen goed te volgen. Vrijdag 13 maart draait hij op Rauw in de Melkweg.
“Ik ben dj geworden omdat ik wel moest,” vertelt hij. “Toen mijn eerste release uitkwam, moest ik iets doen om mijzelf te promoten. En omdat ik geen live-show had, ben ik gaan dj’en. In het begin was ik een hele slechte dj. Ik denk omdat ik alleen voor mijzelf draaide, de meest obscure platen die ik had. Later leerde ik dat een goede dj ook voor de mensen draait. Je moet de balans vinden tussen crowdpleasen en crowd-teasen. Als je de mensen eenmaal aan je weet te binden, kan je doen wat je wilt en zullen ze je volgen. Als je het juiste publiek hebt tenminste. Soms is het gewoon hopeloos.”
Als Joakim de telefoon beantwoordt in zijn Parijse studio, is hij druk aan het werk. Niet aan weer een coole remix of een ander artistiek discostatement – het is “technisch werk” waar hij mee bezig is. Is de producer dan een nieuwe plaat aan het afmixen? “Nee, ik ben aan het schroeven.” Hij heeft een doe-het-zelfmiddagje. Net als vroeger, zou je kunnen zeggen. Hoewel de Fransman eind jaren negentig zijn eerste plaat uitbrengt onder de naam Joakim Lone Octet, is die namelijk niet gemaakt door een achttal maar gewoon door Joakim Bouaziz in zijn eentje. Zijn laatste album Milky Ways (2009), daarentegen, is ogenschijnlijk zijn derde ‘solo’-album maar heeft hij feitelijk opgenomen met een complete band, Joakim & The Disco geheten.
Lees verder

Door: Aron Friedman
Josh Wink onderscheidt zich al krap twee decennia met een even typerend als tijdloos geluid. Laverend tussen breakbeat, deephouse, acid en techno heeft hij zijn signature sound nooit verloochend. Daarmee dwing je respect af.
Wink vergaarde wereldfaam met klassiekers als Don’t Laugh, I’m Ready en Higher State Of Consciousness. Dankzij zijn haast bovennatuurlijke dj-skills en zijn haarscherpe blik op electronische muziek is hij nog steeds aan de top. Vijftien jaar na het oprichten van Ovum Records blijkt Wink productief en inspirerend als altijd.
In een openhartig gesprek met de Philadelphiaanse geweldenaar komt klinch een hoop te weten over zijn worsteling met de ziekte van Lyme, zijn blik op de Nederlandse politiek en zijn voormalige leven als bar mitsva dj…
Wie had de belangrijkste muzikale invloed op jou als kind?
“Chuck Jacobson, een radio- en drive-in dj. Zonder dat ik hem had ontmoet of met hem had gehangen, was ik nu nooit dj geweest!”
Kun je je nog het eerste moment herinneren, waarop je werd gegrepen door elektronische muziek?
“Wat de allereerste keer was, weet ik niet precies meer. Maar ik herinner me wel de Acid House Wednesdays in Philadelphia in 1987. Als zeventienjarige glipte ik daar altijd stiekem naar binnen – je moest eigenlijk 21 zijn – en danste hele avonden op acid house. Ik had al eerder dat soort muziek gehoord, maar deze avonden herinner ik me nog als de dag van gisteren.”
Lees verder

Tekst: René Passet
Foto: Chris Hoyle
Hun naam klinkt opruiend. Alsof een stel straatschoffies een buurtfeestje geven. Maar het ligt anders. Anti Social Entertainment is de verzamelnaam voor een stel West-Londense dubstepjongens, waarvan Silkie, Kromestar en dj Razor Rekta de belangrijkste namen zijn.
“Veel mensen worden door onze naam op het verkeerde been gezet”, beaamt Razor Rekta, die eigenlijk Pawan Sangha heet. “We hebben er destijds bewust voor Anti Social gekozen omdat we iets ruws wilden uitstralen. De dubbele betekenis stond ons aan. Een anti-sociaal iemand is een buitenbeentje, een persoon die niet bij de massa hoort. Zo voelden we ons ook. Buitenbeentjes in de muziek. Maar we zijn verder best aardig hoor!”
Ze ontmoetten elkaar ergens in 2003, waarbij een platenwinkel (vanzelfsprekend) fungeerde als ontmoetingsplek. Bekend verhaal. Vraag aan Benga of Skream hoe ze elkaar ontmoetten en ze zullen hetzelfde verhaal vertellen. Maar woonden die laatste twee in Oost-Londen, de Anti Social crew komt uit de omgeving van Hammersmith, in het westen van de Britse hoofdstad. “Het was logisch dat we elkaar ontmoetten”, aldus Pawel, die als radio-dj veel bekendheid geniet. “We woonden bij elkaar om de hoek en deelden de liefden voor muziek. Vooral speedgarage”.
Het clubje dj’s en producers, waaronder Silkie, Jay5ive en Quest besloot de krachten te bundelen. “We wilden allemaal ‘future music’ maken. Grenzen doorbreken. Dat kun je volgens mij ook wel horen aan de vroege producties van Silkie en Quest. Zulke muziek was er toen nog helemaal niet. Het heette nog niet eens dubstep. Iedereen noemde het UK garage.”
Lees verder
Door: Sander Kerkhof | NO COMMENTS